De Ronde van Tim Krabbé Fiets en Beleving

De Zevende Ronde van Tim Krabbé

een wijd verbreid en tevens onuitroeibaar misverstand!

De zevende Ronde, van 6 t/m 13 juni 2009 met 43 deelnemers en vier personen begeleiding die uitpijlden, deelnemers verzorgden, fietsen repareerden, de routes presenteerden en van alles om het de deelnemers naar de zin te maken.

Met de uitgebreide informatie in het tourboek en een cd met wielermuziek op zak, kwamen de 43 deelnemers goed voorbereid naar Meyrueis. Ze kregen een hartelijk welkom van Caroline, receptioniste en vraagbaak van Grand Hotel de France in Meyrueis.

Na de officiële opening door Pascal Vergeer en Tim Krabbé op zondag 6 juni reden de deelnemers de eerste etappe door Gorges (kloven) en over Causses (hoogvlaktes). Het fietsen in de Cévennen bleek zwaarder dan velen dachten. Verrast door de ongelooflijke schoonheid, verborgen in het landschap, over soms zeer kleine wegen klimmend naar een hoogvlakte met op de rand een klein dorpje dat er misschien al tien eeuwen ligt. Met vergezichten over de Gorges en zwevende gieren in de lucht. Nadat het ’s ochtends geregend had was het tijdens de etappe prachtig weer.

De tweede etappe, op 7 juni, voerde van Meyrueis naar Anduze/Mialet. Anders dan de weerprofeten hadden aangegeven was er laaghangende bewolking en koude boven de 1000 meter hoogte. De fietsers en ook de begeleidende auto’s kregen het moeilijk. Voor de fietsers bleef vooral een heroïsch gevoel over. Ze overwonnen de strijd met de weersomstandigheden en de hoge bergen. De afdalingen werden door ieder op een verantwoorde en veilige manier genomen. De ravitailleringpost was een welkome verassing en ook het buffet met lunch was na ongeveer 70 kilometer een fantastische beleving. Zeer goede kwaliteit, innemende gastvrouw en ruimte om de ervaringen te delen onder het genot van hoogwaardig “fietsvoer”.  Op de onbekende col du Lac waande men zich op een hoge Alpencol, zowel qua zwaarte en landschap als de omstandigheden met harde wind, regen- en hagelbuien. Na de afdaling veranderde het weer in een provinciaalse warmte met een mooie zon. Via lager gelegen gebieden en kleine colletjes werd langs de toeristische terrassen naar Hotel Le Pradinas gereden. Midden in de prachtige natuur een oud gebouw dat is omgetoverd tot een mooi hotel met een heerlijk zwembad.

’s Avonds vertelde Tim over de col d‘Uglas en iedereen bereide zich voor op de eigen beklimming daarvan die voor de volgende dag op het programma stond. De tijdrit, op 8 juni, bracht een aantal records zoals een 70+ record!, een Zwitsers record, een Belgisch record en een Fries record. Oud-wielrenner Thijs Zonneveld reed de snelste tijd. Ook de toerfietsers kwamen tot mooie tijden die weer bijgeschreven worden op de slechtvalkkalender. Een mooie route volgde na de tijdrit door een verstild dal met een paar huisjes. Van daaruit werd de col de Pendédis bereikt. Via andere cols werd de col d’Uglas ook nog uit oostelijke richting beklommen. Precies zoals in wedstrijd 44 (zie boek De Renner) door Tim Krabbé werd gereden in zijn eerste wedstrijd in lijn in 1973. ’s Avonds gaf Thijs Zonneveld een presentatie over wielrennen en was er de, altijd spannende, prijsuitreiking van de tijdrit. Er werd nog lang nagepraat op het terras onder de moerbeibomen.

De vierde etappe is de dag van de Wijnroute. Over kleine landweggetjes werd heerlijk gerouleerd en genoten van de groene wijngaarden. Met hier en daar een klein druivenplukkershuisje en veel wijncaven. Verschillende bekendere wijnsoorten komen in dit gebied voor zoals de Coteux de Cévennen, Coteux de Languedoc, Grand Chemin en Porte des Cévennes. Na afloop was er gelegenheid om de wijnen te proeven en een lunch in het hotel. De middag werd rond het zwembad en in Anduze besteed. ’s Avonds was er een quiz rond het boek De Renner, georganiseerd door één van de deelnemers, in de vorm van “petje op, petje af”.

Op 10 juni was de terugweg naar Meyrueis een etappe met vooral zon, ondanks het instabiele weer. Over wegen en weggetjes, hier en daar gemarkeerd door de Romeinen, toen hier een hoofdweg lag van Rome richting Parijs. Nu kom je er geen kip tegen. Sommige deelnemers verbaasden zich luid over de rustige wegen: “de hele dag maar twee auto’s gezien; die van de organisatie!” De ravitailleringpost had het zwaar te verduren op de bergkam; de wind probeerde vat te krijgen op de bananen, sinaasappelen, reepjes, pannenkoeken, blikken met sportvoeding en lege waterflessen. Maar Pascal Vergeer wist erger te voorkomen. Na een prachtige afdaling stond er een lunchbuffet bij een Belgisch echtpaar dat in een dorpje van 20 huizen is neergestreken om een oud restaurant nieuw leven in te blazen. Er werd gulzig genoten van de heerlijke spijzen (koude soep, pastasalades, vruchten, taartjes, haring en vele andere lekkernijen). Dit restaurant scoort al jaren een 9,5 bij de evaluatie die de organisatie om het jaar houdt onder de deelnemers. De route leidde sommige deelnemers langs het monument van Roger Rivière en de Col de Perjuret. Anderen reden door een dal en een zware beklimming naar de flanken van de Mont Aigoual. In Meyrueis genoot men van het gebruikelijke diner met een glas wijn. Na het diner ging Tim Krabbé in op de vragen van de deelnemers over De Renner en werd er een keuze gemaakt van het mooiste shirt van de zeven edities van de Ronde van Tim Krabbé.

De laatste fietsdag is voor de Ronde van de Mont Aigoual. Na ca 30 km. vrij vlak door de Gorge de la Jonte en de mooiste bergkloof van Europa: de Gorge du Tarn, kondigde zich de beklimming van de Col de la Rieise zich aan. Een van de steilere beklimmingen van de Ronde van Tim Krabbé met een overweldigend uitzicht op de Tarn, zodat men de pijn van het klimmen gemakkelijk weer vergat. De Ronde van de Mont Aigoual bestaat uit twee lussen, die als het ware een acht vormen. In het centrum ligt Meyrueis. Na verzorging en een mooie afdaling kwam iedereen na de eerste lus weer bij het hotel voor een fysieke versterking. Een zwaar deel van de Ronde volgde in de tweede lus met onder meer een beklimming van de Mont Aigoual van meer dan 26 kilometer. Niet super steil, maar wel een aanslag op het laatste restje “courage”. De afsluiting was erg gezellig en veel deelnemers bedankten de organisatie voor de goede verzorging en beloofden terug te komen bij de volgende editie of bij de Pyreneeën Classic in augustus. Ze hadden genoten van de “verassend mooie” omgeving en vonden de Ronde zwaarder dan ze hadden verwacht.

Tim nam de tijd om in het door hem zelf geschreven boekje “De scherprechter van Korfoe” een vriendelijk woord te schrijven voor alle deelnemers. Een prachtig einde aan een fantastische week wielrennen in de Zuid-Franse Cévennen.

De volgende Ronde van Tim Krabbé wordt gehouden van 5 t/m 12 juni 2010.

Gerrit Slingerland

 

 

 

 

Fiets en Beleving