De Ronde van Tim Krabbé Fiets en Beleving

Anduze, woensdag 7-6-6. Etappe Col d’Uglas, 22 km 539m. De renners vertrekken om 9.00 uur met veel zin in deze beklimming en tijdrit. Ik denk dat Arjan het dit jaar wint. Hij heeft de vorm. Bij de vrouwen gaat Marja of Liesbeth (marathonschaatsers) vast met de grootste beker naar huis. De strijd tussen Rebecca en Ann zal heftig zijn. Rebecca geef ik de grootste kans. Deze hardloopster blijkt een goede klimmer. Tim verbetert vast zijn tijd van vorig jaar. En wat doet Loek? En de anderen? Vanavond weten we het. Dan worden de tijden bekend gemaakt. Het is vandaag schitterend weer om te fietsen. De groep is in vorm. Ieder fietst op zijn/haar eigen manier. En ik?

Vrijdag 2-6-6 aankomst Meyrueis. 13 graden, veel wind. Zaterdag rijd ik een opwarmrondje. 31 km, col de Perjuret , daar linksaf, omhoog. Een prachtig weggetje over de hoogvlakte. Koude wind. Goed opletten voor hier en daar een stukje slecht wegdek.
Costeguison. Eén nederzetting links van de weg. Een paard staat sloom te grazen en springt van schrik een halve meter in de lucht als hij mij ziet. Morgen zit dit weggetje in het laatste deel van de route. Opletten of het paard er weer staat. 

Maandag 5-6-6, de eerste etappe ‘Tussen Gieren en Graniet’. De klim naar de Causse Noir, een hoogvlakte van 900 meter hoog. Vorig jaar nog de onzekerheid of het allemaal wel zal lukken. Nu relaxed genieten van dit mooie deel van de Cèvennen. Na vier kilometer loopt op de weg een herder met een kudde schapen. Met Rob en Walter blijf ik er achter. Rob vraagt zich af of deze pasgeschoren kuddedieren de korte - of de lange route doen. Ik sta stil voor een foto. De schapen door een bocht uit het zicht. Een auto komt met grote snelheid aan. Ik maan tot langzaam met het internationaal bekende gebaar: de rechterarm gestrekt op en neer bewegend. Een noodstop in de bocht, bezaaid met vette schapenkeutels, zou een derde van de kudde niet overleven. De chauffeuse en de fietsers wellicht ook niet. Deze actie is levensreddend geweest stel ik voldaan vast. Na 300 m. slaat de meute af. De wei in. Met gras veeg ik de shit van mijn bandjes en ga weer op weg. Een paar keer passeer ik Rob, Jan en Walter. Ze maken foto’s. Na een tijdje, soms langer, komen ze weer langszij en voorbij. Een paar kilometer voor de ravitaillering pik ik aan in het laatste wiel en als een trein gaat het verder. Anton zit er inmiddels ook bij. Rob rijdt gemakkelijk van kop weg. Hij gaat zeker weer een foto maken denk ik. Bij de post van Cor zien we hem weer. Hij vertelt dat voor zijn wielen een Batüwü overstak die riep: “Griekgriek”. Later heb ik dezelfde ervaring, een groene hagedis snelt over de weg, dat moet een Batüwü zijn. Ik luister goed, ja ja, hij roept “Griekgriek”.
De korte route, over de hoogvlakte, gaat door schitterend terrein. De klaprozen met hun felle kleuren oplichtend in het landschap. Groene lappendekens, als gedrapeerd tegen de berghellingen. Langs de weg een naambord met iets van klaproos er in. Ik gun mij geen tijd voor een foto, krijg spijt en denk: “daar moet ik nog eens naar terug”. Bloeiende bermen in allerlei kleuren. Voor mij staat een fietser stil te genieten. Het is Harry. We babbelen wat over de schitterende natuur. Ik vraag mij af waar die geniepige klim ook al weer zit. Vorig jaar heb ik daar onverwacht moeten bijten. Het is verder, vlak voor Lanuejols. De klim valt eigenlijk best mee. Cor komt langs en maakt een foto. Later vertelt hij dat de foto niet gelukt is, die van Harry wel. Tegelijk met marathonschaatser Liesbeth arriveer ik in Meyrueis. Zij heeft de lange route gedaan.     

Hoofdpijn, ik heb het zelden, dwong mij zondag al tot een rustdag. In de loop van de maandag, na ‘Tussen gieren en graniet’ speelt hij erger op met misselijkheid. Rob stelt een zonnesteek vast. Een paar dagen rust en niet in de zon. Dat komt door zaterdagmiddag, na het opwarmrondje, eindelijk in de zon. Opzuigen wilde ik de weldadige energie. Te veel? Te lang? Of te plotseling van de Hollandse kou in het Zuidfranse klimaat. Wie zal het zeggen? Zaak is zo snel mogelijk te herstellen. Een gezond lijf is het belangrijkst, die bergen blijven nog wel even. En de zon blijft ook een levenlang schijnen als er geen wolken voor hangen. Ik had andere plannen deze vierde Ronde van Tim. Het loopt anders. Een renner bestaat uit twee delen. Een mens en een fiets. Beiden moeten in orde zijn. Schaduw, veel water en rust. De juiste zorg van Cor, Rob en Gerrit. Meeleven van collega-fietsers, het is als een warm bad. Misschien morgen, anders vrijdag op de fiets. Vandaag een stukje schrijven.
 
Morgen naar Meyrueis, vrijdag de Koninginnenrit. De Ronde van onze Renner. Zondagmiddag voor de buis. Oranje speelt. Terugkijkend op een geweldige week. Ik dwaal af, zover is het nog lang niet. Er komen nog twee mooie etappes… 
                                                                     
Ricky Slingerland

Uitslagen tijdrit Col d'Uglas

terug verslag 2006